Hoe herken ik een goede zonnebril?

De primaire functie van een zonnebril is het beschermen van de ogen tegen de UV-straling van de zon. Afhankelijk van het materiaal van de lenzen, de aangebrachte filters en de coating van de lenzen filtert een zonnebril de UV-straling voordat deze de ogen bereikt. Een goede zonnebril filtert 99% tot 100% van die UV-straling.

Zonnefilters

De hoeveelheid UV-straling die zonnebrillen moeten filteren is verbonden aan een Europese wetgeving. Die zegt dat straling tot een golflengte van 380nm gefilterd moet worden. Het etiket van een zonnebril geeft aan hoeveel straling wordt gefilterd door de letters UV met een cijfer erachter. UV400 betekent dat alle straling tot 400nm wordt gefilterd, wat dus voldoet aan de Europese wetgeving.

Kleurintensiteit

Zonnebrillen met een CE-kenteken voldoen aan de Europese normen voor de filterkwaliteit. Het cijfer van 0 tot 4 na ‘CE’ geeft aan wat de categorie van de kleurintensiteit is van de glazen. Dat wil zeggen hoe goed de bril beschermt tegen verblinding. Categorie 0 brillen absorberen 0 tot 20 procent van het licht, categorie 4 brillen absorberen 92 tot 97 procent.

  • Categorie 0: deze brillen bieden vrijwel geen bescherming en zijn alleen geschikt om te dragen bij bewolkt weer.
  • Categorie 1: deze brillen zijn geschikt om te dragen bij getemperd zonlicht.
  • Categorie 2: wanneer de zon matig schijnt, zijn deze brillen geschikt om te dragen. Deze categorie wordt minimaal aanbevolen voor dagelijkse activiteiten in de Midden-Europese zon.
  • Categorie 3: deze brillen beschermen prima wanneer het zonnig weer is, ook op zee of in de bergen. Deze categorie wordt aanbevolen voor een dagje strand.
  • Categorie 4: brillen uit deze categorie zijn aan te raden wanneer er sprake is van uitzonderlijk fel zonlicht, bijvoorbeeld hoog in de bergen (wintersport).

Kleur van de glazen

Dat de kleur van de glazen van een zonnebril iets te maken heeft met de mate van UV-bescherming, is een fabeltje. Zonlicht bestaat uit een zichtbaar gedeelte (licht) en een onzichtbaar gedeelte (UV-straling). Hoe donkerder de bril, hoe meer zichtbaar licht wordt gefilterd en hoe minder kans op verblinding. Met welke mate ogen beschermd worden tegen UV-straling, is af te lezen aan de zonnefilter (UV400 bijvoorbeeld), zoals eerder op deze pagina beschreven.

Toch zegt de kleur van de lenzen van een bril wel wat en heeft elke kleur wel andere eigenschappen.

  • Grijze glazen: deze kleur is het meest neutraal en wordt vooral aanbevolen voor verzienden. Deze lenzen verminderen zonder kleuren te veranderen de felheid van het zichtbare zonlicht.
  • Bruine glazen: lenzen met een bruine kleur veranderen de werkelijke kleuren wat soms als storend kan worden ervaren door de drager. Het verhoogt echter contrast waardoor deze kleur lenzen geschikt zijn voor bijzienden.
  • Gele glazen: de gele kleur van de lenzen zorgt voor beter zicht doordat het de waas van blauw zonlicht reduceert en is uitermate geschikt tijdens het autorijden.
  • Groene glazen: deze kleur zorgt voor een verhoogd contrast, waardoor je objecten beter kunt onderscheiden. Deze kleur lenzen zijn echter niet aan te raden voor mensen die kleurenblind zijn.
  • Roze glazen: de roze kleur verhoogt contrast tegen een blauwe of groene achtergrond. Brillen met roze glazen zijn dus ideaal voor mensen die watersport beoefenen.

Gepolariseerde glazen

Wanneer licht weerkaatst op gladde oppervlaktes (water, glas of een glad wegdek) ontstaan er verticale en horizontale lichtgolven. ‘Normale’ brillenglazen laten deze straling door, maar gepolariseerde brillenglazen filteren de horizontale lichtgolven. Dat resulteert in helder beeld dat contrastrijker is omdat de lichtweerkaatsing wordt weggenomen. Uiteraard beschermen gepolariseerde brillenglazen ook tegen UV-straling.

Brillen met gepolariseerde glazen zijn vooral prettig voor mensen die veel tijd doorbrengen op de weg, op of rondom het water, mensen die ver- of bijziend zijn, ouderen en mensen die een oogoperatie hebben ondergaan.

Grootte van de brillenglazen

Ideaal gezien moeten de glazen van een zonnebril zo groot zijn dat ze de ogen van alle kanten tegen invallende zonnestralen beschermen. Wanneer er sprake is van een omgeving met veel weerkaatsing (sneeuw of water) zou dit zeker het geval moeten zijn. De ideale zonnebril reikt hierdoor van het midden van de neus tot boven de wenkbrauwen.